Miskien ken ie dat lilluke (persoonlijk smaak) beeldje wà, daj vake bie boern in röste an de muur zeet hangn ‘En de boer, hij ploegde voort’. Dat handmatige is ter bie de boern vanof, mear dat duurbikkeln nog lange neet. Zo was de buurman vanmorn à um zeung uur met’n trekker an het maispotn. Het waark mos of, want un mais mut rap de groond in, vuurda’w völle reangn kriengt .
Wus ie dat ‘En de boer, hij ploegde voort’ oet un gedich van J.W.F. Werumeus Buning koomp? ‘Ballade van den boer’. Dit steet in zien bundel ‘Negen Balladen’ oet 1935. Het is één van de klassieken van 20e eeuwse “poëzie. Via onderstoanden link köj een oetleg van dit gedich veendn. Dat wordt mie net iets te völle…
Ballade van den boer
Er stonden drie kruisen op Golgotha,
Maar de boer hij ploegde voort.
Magdalena, Maria, Veronica,
maar de boer hij ploegde voort.
En toen zijn akker ten einde was,
Toen keerde de boer zijn ploeg
En hij knielde naast zijn ploeg in het gras,
En de boer, hij werd verhoord.
Zo menigeen had een schonen droom,
Maar de boer hij ploegde voort.
Thermopylae, Troje, Salamis,
Maar de boer hij ploegde voort.
Het jonge graan werd altijd groen,
De sterren altijd licht,
Gods woord streed in de wereld voort
En de boer heeft het gehoord.
Men heeft de boer zijn hof verbrand,
Zijn vrouw en os vermoord;
Dan spande de boer zichzelf voor den ploeg,
Maar de boer hij ploegde voort.
Napoleon ging de Alpen op
En zag de boer aan het werk,
Hij ging voor Sint-Helena aan boord
En de boer hij ploegde voort.
En wie is beter dan een boer,
Die van de wereld hoort,
En hij ploegde niet, wat er al geschiedt
Op dezen akker voort.
Zo menigeen lei den ploegstaart om,
En deed het werk niet voort,
Maar de leeuwerik zong hetzelfde lied,
En de boer hij ploegde voort.
Heer God! De boer lag in het gras,
Toen droomde hij dezen droom;
Dat er eindelijk een rustdag was
Naar apostel Johannes’ woord.
En de kwaden gingen hem links voorbij
En de goeden rechts voorbij,
Maar de boer had zijn naam nog niet gehoord
En de boer hij ploegde voort.
Eerst toen de boer dien hemel zag
Zo vol van lichten schijn,
Toen spande hij zijn ploegpaard af
En hij veegde het zweet van zijn voorhoofd af,
En hij knielde naast zijn stilstaand paard.
En hij wachtte op Gods woord.
Een stem sprak tot aarde, hemel en zee
En de boer hij heeft haar gehoord:
“Terwille van den boer die ploegt
Besta de wereld voort!”
J.W.F. Werumeus Buning
Eén antwoord op “28 april 2021 – En de boer, hij…”